Vanitas vanitatum, omnia vanitas (51)

Vanitas-stilleven van de Nederlandse kunstenaar Adriaen Coorte (1659? –  1707?).

Geplaatst in Vanitas vanitatum, omnia vanitas | Een reactie plaatsen

Bach: een muzikale familie (6): Johannes Hans

Johannes Hans Bach (1580? – 1626?), de vader van Heinrich, de overgrootvader van Johann Sebastian Bach, speelde in een soort blaaskapel in Gotha (Thüringen). Heinrich had twee broers: Johann en Christoph.
Johannes Hans Bach was de zoon van Veit Bach, die ik volgende week bespreek.
Ongetwijfeld kende Johannes Hans Bach het populaire lied Tanzen und Springen van Hans Leo Hassler (1564 – 1612), hier gezongen door The King’s Singers.

Geplaatst in Muziek | Een reactie plaatsen

The Farinelli Manuscript (Ann Hallenberg): vocale acrobatiek, maar waar blijft de ontroering?

In zijn toelichting bij The Farinelli Manuscript, de nieuwste cd van Ann Hallenberg, maakt Stefano Aresi (muzikaal leider van het begeleidende ensemble Stile Galante) een eind aan een hardnekkig misverstand. Je leest het overal op internet: Farinelli zou tijdens zijn lange verblijf in Madrid iedere avond hebben gezongen, om de depressieve koning Filips V op te vrolijken.
Volgens Aresi heeft onderzoek aangetoond dat dit verhaal een voorbeeld is van fake news, avant la lettre, bedacht door de Engelse pers om nationalisme te versterken. Farinelli heeft inderdaad iedere avond gezongen voor de koninklijke familie (bevestigd in brieven en archieven), maar dat had weinig tot niets te maken met de gemoedstoestand van de koning. In dit verband is het veelzeggend dat deze privéconcerten gewoon doorgingen toen Filips V werd opgevolgd door Fernando VI.
In zijn brieven aan zijn vriend Sicinio Pepoli schrijft Farinelli dat zo’n avondconcert bestond uit acht of negen aria’s.
Ann Hallenberg zingt op The Farinelli Manuscript twee recitatieven en zes aria’s, waarvan twee (Son qual nave che agitata, mogelijk gecomponeerd door Farinelli en Quell’usignolo van Geminiano Giacomelli) met de originele versieringen van Farinelli, die in een manuscript zijn ontdekt.
Op 27 augustus 2019 zong Ann Hallenberg vier van deze aria’s. Vocale acrobatiek, schreef ik, maar waar bleef de ontroering? Het accent lag namelijk wel zeer op de techniek… Dat geldt helaas ook voor deze cd, des te meer omdat afwisseling, in de vorm van een cello- of een vioolconcert ontbreekt. Zo teleurstellend: een fantastische zangeres en uitstekend instrumentaal ensemble. En het eindresultaat doet me weinig!
Voor de echte ontroering is er eenvoudig een alternatief beschikbaar: de cd met als titel Farinelli: a portrait (live in Bergen). Hier wordt Hallenberg begeleid door Les Talens Lyriques onder leiding van Christophe Rousset. Met aria’s van Farinelli’s mentor: Nicola Porpora.

Geplaatst in Muziek | Een reactie plaatsen

Zojuist afgestudeerd aan de pabo, meteen voor de klas…

Toen ik in 1976 afstudeerde was er geen sprake van een lerarentekort. Om te werken in het onderwijs moest je je aanmelden als invaller. En dan maar hopen dat je een langdurige invalbaan kreeg. Iedereen droomde van een vaste aanstelling…
Wat dat betreft zijn de tijden toch wel spectaculair veranderd. Ik denk dat de meeste pabostudenten al tijdens hun opleiding benaderd worden door ijverige schooldirecteuren. En die vaste aanstelling? Een formaliteit! Ik gun het de studenten van harte.
Marlou en Suzanne zijn zojuist afgestudeerd en meteen begonnen op de Oranje Nassauschool in Culemborg. Marlou (groep 7) vertelt: ‘Ik was in eerste instantie niet op zoek naar een baan. De volle verantwoordelijkheid voor een groep wilde ik nog niet. Daarom ga ik nu deeltijd aan de slag in groep 7, en ga ik de rest van de dagen opvullen in een invalpool.’ Op die manier kan ze een band opbouwen met een klas, maar ook op andere scholen, met andere lesmethoden en verschillende groepen, rondkijken.
Suzanne (groep 5) was, voordat ze de pabo ging doen, al onderwijsassistent. In totaal heeft ze zeven jaar gestudeerd. Ze heeft gekozen voor de Oranje Nassauschool, omdat ze daar zelf op heeft gezeten. Sommige leerkrachten uit haar schooltijd werken er nog steeds.
Suzanne heeft een duo-collega. ‘Zij gaat in september met zwangerschapsverlof, dus dan sta ik een half jaar fulltime voor de klas. Als zij weer terug is, werk ik weer drie dagen. Dan kijk ik wel hoe ik de rest opvul. Wellicht kan ik dan weer iemand overnemen.’
De afgelopen weken is Suzanne druk bezig geweest met de voorbereiding van haar lessen. ‘Activiteiten, een klassenthema bedenken. Ik heb boeken gelezen.’ Ze heeft er zin in. ‘Natuurlijk is het spannend, maar ik denk dat dat snel over is.’

Het lerarentekort is, zoals bekend, in de grote steden nijpender dan daarbuiten. De Oranje Nassauschool  valt onder het bestuur van de Stichting Christelijk Primair Onderwijs Betuwe en Bommelerwaard (CPOB). Dit bestuur is er net als twee andere Gelderse besturen Trivium en Openbaar Primair Onderwijs Rivierenland (OPP-R) in geslaagd om alle vacatures in te vullen. Mooi! Toch wordt ook hier gevreesd voor een griepgolf.
Ondertussen wens ik Marlou en Suzanne heel veel succes en plezier met hun eerste jaar in het onderwijs!

Bron: De Gelderlander (2 en 3 september 2019)

Geplaatst in Onderwijs en opvoeding | Een reactie plaatsen

Zzp-leerkracht: ‘Met mij zijn scholen niet duurder uit’

De werkdruk hanteerbaar willen houden…
Dat is de reden waarom Jan-Willem Duim (36) als zzp’er in het onderwijs werkt. ‘Ik heb dertien jaar in loondienst gewerkt, totdat het me te veel werd. Ik had eigenlijk al besloten om het onderwijs uit te gaan, maar ik heb een groot onderwijshart. Daarom besloot ik twee jaar geleden om zzp’er te worden. Nu kan ik zelf bepalen waar en hoe ik werk. Mijn gereedschapskist gebruik ik nu op een heel andere manier. Ik begeleid startende leraren, ondersteun in de les en draai zelf klassen. Die afwisseling is prettig.’ Duim vertelt: ‘In loondienst verdiende ik een kleine 20 euro netto per uur. Om onderaan de streep hetzelfde over te houden als je ervan uitgaat dat je alle dagen werk hebt, moet ik als zzp’er een uurtarief van 55 euro vragen. Zo‘n twee derde daarvan ben ik kwijt aan pensioen, verzekeringen en belasting. Dat lijkt duurder, want veel directeuren zien alleen het bedrag op de factuur. Maar al die werkgeverslasten betalen ze niet. Met mij zijn scholen dus niet duurder uit.’
Duim vertelt over de website die hij heeft opgezet waar zzp’ers zich zonder tussenkomst van anderen aanbieden. Inmiddels hebben al 130 docenten uit het hele land zich aangesloten. Hij vindt de flexibiliteit van zzp’ers voor scholen handig, omdat die alleen hoeven te betalen voor wat ze nodig hebben. En zzp’ers zijn, volgens Duim goedkoper dan mensen via uitzendbureaus. ‘Bovendien kun je zo mensen vasthouden die anders het onderwijs zouden verlaten, en mensen terugwinnen die met pensioen zijn of al eerder uit het onderwijs zijn gestapt. Dat is toch alleen maar winst?’

Jan-Willem Duim is vijf euro (per uur) goedkoper dan juf Rozemarie die voor een dag van acht uur 480 euro vraagt. Wat is het laagste en het hoogste uurtarief dat zzp-leerkrachten vragen? Is er sprake van concurrentie? Dat moet toch wel? Ook zzp-leerkrachten verschillen in kwaliteit. Ik stel me voor dat een zzp-juf die nauwelijks orde kan houden goedkoper is dan haar collega die bewezen heeft de moeilijkste klassen aan te kunnen.
Jan-Willem Duim roemt de flexibiliteit van zzp’ers voor scholen, omdat die alleen hoeven te betalen voor wat ze nodig hebben. Kennelijk bedoelt hij invalwerk, want scholen zullen voor langdurige vacatures geen zzp’ers benaderen. Wat ze echt nodig hebben is een leerkracht die zich langdurig verbindt aan de school, die in teamverband werkt aan onderwijsdoelen en geen aparte status heeft. Geen zzp’er…
Nu vraag ik me ineens af: zijn er ook zzp-schooldirecteuren?

Bron: Trouw (5 september 2019)

Geplaatst in Onderwijs en opvoeding | Een reactie plaatsen

Schoolbesturen in vijf grootste steden: Minister, wij vragen u dringend om een crisisaanpak

‘Wij vragen u dringend om een crisisaanpak.’
De schoolbesturen van de vijf grootste steden (Almere, Amsterdam, Den Haag, Rotterdam en Utrecht) vragen in een brief aan de minister aandacht voor het lerarentekort.
In de brief bespreken de schoolbesturen noodscenario’s, die niet allemaal voldoen aan de wet of de cao, maar volgens de ondertekenaars misschien onontkoombaar zijn. Voorbeelden van die noodscenario’s: de inzet van vrijwilligers, verlagen van aantal lesuren, invoeren van een vierdaagse schoolweek en oprekken van de minimumleeftijd van basisschoolleerlingen van 4 naar 5 jaar.
Over dat laatste noodscenario zegt het ministerie van Onderwijs dat in de wet staat dat kinderen op 4-jarige leeftijd naar school mogen. Het ministerie wil in gesprek met de besturen over de verschillende voorstellen.
De schoolbesturen zeggen dat ze er alles aan zullen doen om deze noodscenario’s te voorkomen, maar ondervinden dagelijks de ernstige gevolgen van het lerarentekort. ‘Ik ben nog nooit op deze manier het schooljaar begonnen, en ik zit al dertig jaar in het onderwijs’, zegt de Amsterdamse schoolbestuurder Joke Middelbeek. Overleg tussen de wethouders van de vier grote steden en de minister heeft geen concrete maatregelen opgeleverd. Middelbeek constateert ontevreden: ‘Er is brand. En we zijn nog heel erg aan het nadenken of we met schuim of met poeder gaan blussen. Maar begin nou eens met spuiten.’

Tja, je hebt geen keuze. Je moet iemand voor de klas zetten: die onderwijsassistent of de vriendelijke mevrouw die ooit op een kinderboerderij heeft gewerkt of toch een stagiaire. En als er niemand beschikbaar is, voeg je twee klassen samen, of drie. Pas als de koek op is, stuur je een klas naar huis.
De gevolgen van het lerarentekort zijn het meest ernstig voor kinderen in achterstandsituaties, die onderwijs het hardst nodig hebben. Om deze kinderen toch een kans te geven in onze samenleving is het noodzakelijk dat ze zo jong mogelijk onderwijs volgen. Daarom verwijs ik het noodscenario dat de basisschool dicht gaat voor vierjarigen naar de brandstapel.

Bron: NOS (7 september 2019)

Geplaatst in Onderwijs en opvoeding | Een reactie plaatsen

Vanitas vanitatum, omnia vanitas (50)

Vanitas-stilleven van de Duitse schilder Bartholomäus (Barthel) Bruyn (1493–1555).
De Latijnse tekst luidt: Omnia morte cadunt, mors ultima linia rerum (Alles eindigt met de dood, de dood is het eindpunt van alles).

Geplaatst in Vanitas vanitatum, omnia vanitas | Een reactie plaatsen